Wederom een feestje, een vriend van ons wordt 40. Niet helemaal de eerste in de rij van vrienden en kennissen. Wel één van de velen die dit jaar deze grens passeren. Zelf heb ik nog even te gaan, maar Jan bereikt deze zomer ook de magische grens. Of waren we er al voorbij? In de VS ben je namelijk al ‘over de hill’ als je 35 wordt.


Dan krijg je ‘over de hill’-ballonnen en roept iedereen heel hard ‘congrats’. Zo is het meteen voor alle omstanders duidelijk dat er een aankomend senior in hun midden is. Misschien is het beter te blijven geloven dat je zo oud bent als dat je je voelt.

 

In Wageningen waren geen toepasselijke ballonnen te vinden, dus wij togen met andere cadeaus naar het feest. De kinderen waren eveneens welkom, want het was een zondagmiddagfeest. Sinds kort kan Lieke fietsen zonder zijwieltjes en kan Fenna fietsen op de driewieler (zelf trappen). Wij hebben dus twee heel trotse dochters. Opdat zoveel mogelijk mensen deze wonderen kunnen aanschouwen, gaan de fiets en driewieler dus mee wanneer we met de auto bij iemand op bezoek gaan.

 

De jarige job woont in een nieuwe wijk en heeft een niet zo grote tuin. Het weer is prima, dus de kinderen zijn al snel verdwenen naar het achterliggende speeltuintje. Daar spelen ook de andere bezoekende kinderen. Omdat Fenna nog wel heel klein is, gaan we regelmatig kijken of onze dochters nog in de buurt zijn. Lieke weet meestal wel hoe ver ze mag gaan. Toch besluit ze vaak dat ze best een stuk verder kan kijken. Ze vraagt Fenna mee en wanneer ze te ver zijn, probeert ze Fenna over te halen mee terug te gaan. Meestal komt het erop neer dat Fenna weigert en rustig verder loopt. Ondertussen rent Lieke terug om te vertellen dat Fenna weg is. Langer dan een minuut of vijf aan een stuk zit ik dus niet lekker op de verjaardag. 

 

We kennen niet veel mensen en dat lijkt door bovengenoemde situatie ook zo te blijven. Hele korte praatjes, net tijd om de koffie op te drinken en dan weer even gaan kijken bij de speelplaats. Maar het gaat allemaal goed. De kinderen spelen lekker en soms zitten we zelfs iets langer. Totdat één van de grotere kinderen terug komt, naar mij toe loopt en zegt: “Mevrouw, uw dochtertje is van de trap van de glijbaan gevallen.” 

 

In versnelde pas loop ik naar het speeltuintje. Vanuit de verte zie ik een stuk of acht kinderen in een kringetje bij de trap van de glijbaan staan. Ik kom dichterbij en daar ligt ze dan, op de Fenna-manier: op haar rug en heel boos kijkend naar de omstandertjes die waarschijnlijk stuk voor stuk hulp hadden geboden. Alleen Jan of ik mogen haar in een dergelijk geval helpen. Inwendig moet ik erom lachen en ondertussen troost ik Fenna. De eventuele verwondingen verdwijnen met een gerichte kus. Even gaan onze meiden mee naar binnen. De kinderzakjes zoutjes gaan open en opeens zijn alle kinderen bij het huis. Na het legen van de eigen zakjes wordt de aanval voortgezet op de bakken chips die op tafel staan. Fenna weet van geen wijken. Als ze even wordt afgeleid, vindt Lieke haar zo zielig dat zij haar maar weer wat geeft. 

 

Gelukkig hebben we nog even gezellig kunnen praten. Wanneer de strubbelingen echter in versterkte mate toenemen, besluiten we toch naar huis te gaan. In de auto vallen onze dametjes vrij snel in slaap. Binnen enkele weken hebben we een volgend ’40-er’-feest, maar dan zonder kinderen. Zo kunnen we wat ideeën opdoen voor het feest van Jan.

 

Monique